Verstuur een Kids for Animals e-card Speel het memory spel Ans en Frans van de dierenambulance Dierenbescherming Centraal Bureau Fondsenwerving

Aanmelden nieuwsbrief

Diereninfo

Reptiel

Slangen zijn reptielen. Dat betekent dat ze koudbloedig zijn: hun lichaamstemperatuur is afhankelijk van de omgevingstemperatuur. Dus als het koud is, zijn deze dieren koud; en als het warm is, zijn deze dieren warm. De meeste reptielen voelen zich het prettigst als het lekker warm is. Daarom vinden we ze vooral in de warme streken op aarde. Slangen vind je ook het meest in warme landen, maar ze leven over de hele wereld. Er bestaan ruim 2.500 soorten, waarvan 250 soorten giftig zijn. De kleinste slang is kleiner dan een lucifer, de grootste meet ruim acht meter.


Slangenhemd

Slangen zijn doof en ze zien slecht. Maar bewegingen zien ze heel goed! Hun oogleden zijn aan elkaar gegroeid en doorzichtig. En zo sterk als plastic. Slangen hebben een gespleten tong, die ze steeds bewegen, in en uit hun bek. Op die manier vangen ze geuren op. Dat heet tongelen. In hun bek zit een reukorgaan, het orgaan van Jacobson. Om te ruiken gaan slangen met hun tong langs dit orgaan.

Slangen blijven hun hele leven doorgroeien, maar hun huid groeit niet mee. Daarom moeten ze steeds vervellen. Ze trekken hun ’slangenhemd’ uit, met hun plastic ’veiligheidsbril’! Slangen zijn niet nat en glibberig, ze hebben een droge huid met schubben.

Vleeseters

Alle slangen zijn vleeseters (carnivoren). Ze vangen levende dieren, van insecten en slakken tot vissen, vogels en knaagdieren. Sommige slangen gaan op jacht. Andere slangen liggen te loeren tot er een beest voorbij komt. Dan komen ze bliksemsnel in actie. Wurgslangen doden hun prooi door zich om hem heen te kronkelen, zodat hij niet meer kan ademen. Gifslangen doden hun prooi door te bijten met gif. Daarna gaat de buit met huid en haar naar binnen.

Slangen kunnen dieren verzwelgen die veel groter zijn dan zijzelf. Dat komt omdat ze hun bek ongelofelijk ver open kunnen doen. Maar meestal vangen ze kleine prooien. Daar kunnen ze een week van leven. Als ze een groot dier bemachtigen, kunnen ze daar maanden op teren.

Vijanden

Slangen (en hun eieren) hebben veel vijanden. Onder meer roofvogels, ratten, vossen, egels, krokodillen en... andere slangen. De koningscobra eet bijna alleen maar slangen! Maar de mens is hun grootste vijand: ze eten slangenvlees en ze doden slangen ook om hun prachtige huid. Er worden tassen en schoenen van gemaakt. Mensen vernielen de leefgebieden van slangen door bomen te kappen en wegen aan te leggen. Veel slangen worden doodgereden bij het oversteken, of wanneer ze ’s avonds op het warme asfalt gaan liggen.


Slangen in Nederland

In Nederland leven drie soorten slangen: de adder, de gladde slang en de ringslang. De ringslang komt het meeste voor. Hij is ongevaarlijk. De ringslang woont bij water en eet vissen en kikkers. De gladde slang leeft verstopt in bosachtige gebieden. Hij eet hagedissen en kleine knaagdieren, net als de adder. De adder is de enige gifslang. Zijn beet kan gevaarlijk zijn, vooral voor kinderen. Word je door een adder gebeten? Ga dan vlug naar de dokter, dan krijg je tegengif. De adder, de gladde slang en de ringslang zijn in Nederland beschermd. Het is verboden om ze te vangen of als huisdier te houden. Je mag ze zelfs niet storen.

Nuttige dieren

Slangen zijn nuttige dieren omdat ze insecten, slakken en knaagdieren eten. In veel dorpen in India wonen cobra’s in de bomen. De mensen zijn er blij mee, want de cobra’s vangen ratten en muizen. In Brazilië, India en Indonesië worden slangen gehouden bij graanschuren, om de muizen en ratten te verdelgen. Van slangengif worden waardevolle medicijnen gemaakt, onder andere tegen astma, reuma en epilepsie. En ook wordt er tegengif tegen slangenbeten van gemaakt! Hiervoor worden de slangen ’gemolken’, ofwel hun gifklieren worden leeg gedrukt. Slangen blijven liefst uit de buurt van mensen. Ze bijten alleen als ze zich bedreigd voelen.

Gifslangen

De bekendste gevaarlijke gifslangen zijn: Cobra’s, Mamba’s, adders, boomslangen en ratelslangen. Amerikaanse ratelslangen gebruiken bij onraad hun staartpunt als ratel. Cobra’s komen voor in oerwouden, maar ook in woestijnen. In Afrika en Azië leven Cobra’s die bij gevaar met gif spugen. De bekendste Cobra is de Brilslang van de slangenbezweerder. Als de bezweerder fluit richt de slang zich op. Hij kan niet horen, maar toch beweegt zijn bovenlijf op de maat van de muziek. Hij volgt de bewegingen van de fluit. Deze slangen worden vaak slecht behandeld.

Reuzenslangen

Reuzenslangen zijn wurgslangen. Ze zijn niet giftig. De dikste slang van de wereld is de Anaconda. Hij leeft in het water in tropisch Amerika en wacht ’s nachts op dieren die komen drinken. Maar hij vangt ook wel eens vogels uit de bomen. Het dier kan ruim acht meter lang worden. De Boa Constrictor uit Zuid- en Midden- Amerika wordt ongeveer vijf meter lang. Pythons vind je in Afrika, Azië, Australië en Mexico. Netpythons zijn de langste slangen die er bestaan. De aller-langste Netpython die ooit gevonden is, was bijna negen meter lang. Netpythons zijn goede zwemmers: toen in 1883 de vulkaan Krakatau (Indonesië) uitbarstte, vluchtten de Netpythons in zee en wisten zich zo te redden. De Koningspython (of Balpython), maakt zich bij gevaar zo rond als een bal; je kunt hem zo wegrollen!

Voortplanting

Slangen leggen eieren. Grote slangen soms meer dan honderd! Ze doen dat in holle bomen, gaten in de grond of onder bladeren. De meeste slangenmoeders laten hun broedsel gewoon achter. Na een paar weken komen de eieren uit. De jonge slangetjes moeten dan meteen voor zichzelf zorgen. Bij sommige soorten, zoals bij adders, kruipen de jongen direct na hun geboorte uit het ei.

Hoe oud slangen in het wild kunnen worden weten we niet. Een Anaconda in een dierentuin bereikte een recordleeftijd van 28 jaar!

Reptielenopvang Serpo

Nog steeds zijn er mensen die slangen als huisdier willen hebben. Daarom blijven handelaren slangen aanvoeren, hoewel dat voor steeds meer soorten verboden is. Veel slangen sterven nog voor de reis, door slechte behandeling. Serpo is het reptielenopvangcentrum in Delft, waar je ook slangen kunt bekijken. Er worden allerlei slangen afgegeven, omdat ze te groot zijn geworden, omdat ze iemand gebeten hebben of omdat ze door de douane in beslag zijn genomen. Meestal zijn ze Nederland binnengesmokkeld. Er worden ook slangen gebracht die met tropische planten zijn meegekomen, of die na de vakantie in de opgevouwen tent bleken te zitten!

Wist je dit?

• Miljoenen jaren geleden hadden slangen poten, bij mannetjes Boa’s en Pythons zie je aan het achterlijf nog kleine restjes van die poten zitten
• Slangen kunnen heel goed zwemmen
• Slangen houden een winterslaap
• In landen waar het echt winter is slapen slangen ongeveer 3 maanden, in warmere landen is dit ongeveer 5 of 6 weken
• De meest jongen slagen overleven de winter niet
• De beet van een mamba is in een paar minuten dodelijk.